Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 juni 2026 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag, het college
Als derde-partij neemt aan de zaak deel: [derde-partij] uit [woonplaats] .
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
– gelet ook op hun gezondheidssituatie – zich zorgen maken over de effecten hiervan. Ter zitting is ook vastgesteld dat de derde-partij met grote regelmaat gebruik maakt van zijn houtkachel. Het feit dat eiser en zijn gezin overlast ervaren, betekent echter niet dat er ook een norm wordt overtreden waartegen het college handhavend moet optreden. Het college heeft naar het oordeel van de rechtbank namelijk terecht geconcludeerd dat er geen sprake is van een overtreding, gelet op het volgende.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.Y. Al-Qaq, griffier.