ECLI:NL:RBDHA:2026:1495
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na vrijwillig vertrek asielzoekster
Eiseres, een Cubaanse nationaliteit houdende vrouw, diende op 20 augustus 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. De minister wees deze aanvraag op 16 september 2024 af. Eiseres vertrok vervolgens vrijwillig naar Cuba met hulp van de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), waarbij zij een vertrekverklaring ondertekende waarin zij instemde met beëindiging van verblijfsrechtelijke procedures.
De gemachtigde van eiseres meldde later dat zij geen contact meer had met haar cliënte. De rechtbank sloot het onderzoek en besloot de zaak niet op zitting te behandelen. De rechtbank beoordeelde of eiseres nog procesbelang had bij het beroep, waarbij werd vastgesteld dat de ondertekening van de vertrekverklaring en het vertrek naar Cuba betekenen dat zij geen belang meer heeft bij de procedure.
De rechtbank concludeerde dat het beroep niet-ontvankelijk is wegens het ontbreken van procesbelang en wees de vergoeding van proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door rechter D. Biever en griffier Y. Robio op 9 januari 2026.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na vrijwillig vertrek naar het land van herkomst.