ECLI:NL:RBDHA:2026:14999
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens verantwoordelijkheid België
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen omdat België verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van de aanvraag. Verzoeker stelde beroep in tegen dit besluit en vroeg tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft zonder zitting uitspraak gedaan en overwoog dat aangezien de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan over het beroep, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 4 juni 2026 en is definitief, tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep.