ECLI:NL:RBDHA:2026:1537
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering ondanks bezwaren over medische beperkingen en vernevelen
Eiseres ontving vanaf 1 juni 2023 een Ziektewetuitkering, die per 2 juni 2024 werd beëindigd door verweerder. Eiseres betwistte deze beëindiging en voerde aan dat haar psychische en fysieke klachten, waaronder PTSS, COPD en hernia, onvoldoende waren meegewogen. Zij stelde dat de urenbeperking van 6 uur per dag onvoldoende rekening hield met haar noodzaak tot frequent vernevelen tijdens werktijd en haar beperkingen in persoonlijk en sociaal functioneren.
De rechtbank stelde vast dat de verzekeringsarts b&b de medische situatie zorgvuldig had heroverwogen, inclusief de door eiseres ingebrachte medische informatie. De verzekeringsarts achtte een urenbeperking van 6 uur per dag passend, waarbij rekening werd gehouden met twee tot drie vernevelsessies en psychische klachten. Verdere beperkingen in sociaal functioneren werden niet gerechtvaardigd geacht, mede omdat er geen aanwijzingen waren voor PTSS of een ernstig psychiatrisch beeld.
De arbeidsdeskundige b&b concludeerde dat de geduide functies, waaronder archiefmedewerker en productiemedewerker textiel, passend waren en dat flexibele werktijden mogelijk waren om vernevelsessies te accommoderen. De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat de uren op de dag zelf flexibel aangepast moeten kunnen worden, aangezien dit niet haalbaar is volgens de arbeidstijdenwet en het ziektebeeld.
De rechtbank oordeelde dat het medische en arbeidsdeskundige oordeel voldoende gemotiveerd en zorgvuldig was en dat er geen aanleiding was een deskundige te benoemen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 2 juni 2024 bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de beëindiging van de Ziektewetuitkering is ongegrond verklaard en de uitkering per 2 juni 2024 beëindigd.