Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 22 mei 2026 in de zaak tussen
het college van burgemeester en wethouders van Den Haag
Stichting Middinuit Den Haag, vergunninghoudster.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eisers, bewoners van de Buitenklingen in Den Haag, hebben beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft verleend voor de bouw van twee woonzorggebouwen op de locatie Binnenklingen. Zij voerden onder meer aan dat het bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan, de bezonning van hun woningen onevenredig aantast, de ruimtelijke inpassing niet voldoet aan het Planuitwerkingskader, en dat er sprake is van onaanvaardbare aantasting van privacy en geluidsoverlast.
De rechtbank oordeelt dat het bouwplan inderdaad afwijkt van het bestemmingsplan, maar dat het college zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het bouwplan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. De bezonning voldoet aan de Haagse bezonningsnorm en de bijzondere situatie van de woningen leidt niet tot een onevenredige aantasting. Afwijking van het Planuitwerkingskader betekent niet automatisch strijd met het vertrouwens- of rechtszekerheidsbeginsel, en de ruimtelijke inpassing sluit aan bij bestaande bebouwing.
Ten aanzien van privacy en geluid acht de rechtbank de aantasting niet onaanvaardbaar, mede vanwege de afstand tussen de gebouwen en de aanwezigheid van bomen. Het aangedragen alternatief voor de bouwvolgorde leidt niet tot een gelijkwaardig resultaat met minder bezwaren. Het beroep wordt ongegrond verklaard, het bestreden besluit blijft in stand en eisers krijgen geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de bouw van twee woonzorggebouwen wordt ongegrond verklaard en de vergunning blijft in stand.