Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 1] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- discriminatie vanwege Koerdische etniciteit;
- in aanmerking komen voor militaire dienst in Turkije; en
- politieke overtuiging.
World Report 2025 Turkeyen uit de brief van VluchtelingenWerk Nederland van 11 maart 2025 zien op de behandeling van oppositieleden en van Koerden in het Turkse leger en niet op de behandeling van dienstplichtontduikers. Verweerder heeft er in dit verband verder terecht op gewezen dat uit de verklaringen van eiser niet kan worden afgeleid of de straffen voor iedereen gelden of enkel specifiek voor hem. Eiser heeft namelijk verklaard dat hij geen flauw idee heeft van de straf voor het ontduiken van de dienstplicht, niet weet of aan alle dienstplichtonderduikers een straf wordt opgelegd of alleen aan hem en ook niet weet of er in zijn geval omstandigheden zijn die een straf extra bezwarend zouden kunnen maken (zie nader gehoor, p. 21). Weliswaar heeft verweerder geloofd dat eiser vanwege zijn etniciteit discriminatie heeft ondervonden, maar dat is op zichzelf onvoldoende om aan te nemen dat eiser daarom zwaarder zal worden gestraft voor dienstweigering dan anderen.