ECLI:NL:RBSGR:1995:ZA1155
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.M.A. Claessens
- J.E. van den Steenhoven-Drion
- R.W.L. Koopmans
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vluchtelingenstatus wegens desertie uit Armenië niet gegrond
Eiser, een Armeense vreemdeling, verzocht om vluchtelingenstatus en een verblijfsvergunning wegens klemmende humanitaire redenen. Zijn verzoek werd afgewezen en hij stelde beroep in. De rechtbank onderzocht ambtsberichten van de Minister van Buitenlandse Zaken, UNHCR-rapporten en andere internationale bronnen over de situatie in Armenië en het conflict in Nagorno Karabach.
De rechtbank concludeerde dat de ambtsberichten een onvolledig beeld geven, maar dat dit de rechtmatigheid van de afwijzing niet aantast. De situatie in Armenië rechtvaardigt niet dat vreemdelingen uit dat land per definitie als vluchteling worden aangemerkt. Eiser moest persoonlijk aantonen dat hij gegronde vrees voor vervolging heeft.
De rechtbank oordeelde dat desertie in Armenië niet onevenredig zwaar wordt bestraft en dat eiser onvoldoende onderbouwde ernstige gewetensbezwaren heeft. Ook is het conflict in Nagorno Karabach niet door de internationale gemeenschap veroordeeld als strijdig met fundamentele normen. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en is de aanvraag om vluchtelingenstatus afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn aanvraag om vluchtelingenstatus wordt ongegrond verklaard.