ECLI:NL:RBDHA:2026:16246
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- D. C. Laagland
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverantwoordelijkheid Portugal
Eiser, met Turkse nationaliteit, verzet zich tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Portugal verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag op grond van de Dublinverordening.
Eiser betoogt dat de situatie in Portugal verslechterd is sinds de invoering van AIMA, verwijzend naar het AIDA-rapport van september 2025, en dat dit leidt tot een reëel risico op schending van zijn rechten onder artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro. Tevens stelt hij dat de minister ten onrechte geen gebruik heeft gemaakt van de discretionaire bevoegdheid op grond van artikel 17 Dublinverordening Pro.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Portugal niet aan zijn internationale verplichtingen voldoet of dat er sprake is van zodanige tekortkomingen dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel doorbroken wordt. Ook is niet gebleken dat bijzondere individuele omstandigheden aanwezig zijn die toepassing van artikel 17 Dublinverordening Pro rechtvaardigen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk ongegrond en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.