ECLI:NL:RBDHA:2026:16419

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
16 juni 2026
Publicatiedatum
18 juni 2026
Zaaknummer
NL26.9274
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing herhaalde asielaanvraag Nigeriaanse vreemdeling wegens ongeloofwaardigheid

Eiser, een Nigeriaanse staatsburger, diende een herhaalde asielaanvraag in Nederland in nadat eerdere aanvragen waren afgewezen en hij niet tijdig aan Italië was overgedragen. Hij vreesde terugkeer vanwege problemen met de criminele groep Black Axe en een netwerk van mensenhandelaren. De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid van deze motieven.

De rechtbank beoordeelde dat de minister terecht oordeelde dat de verklaringen van eiser over Black Axe en mensenhandel niet samenhangend en onvoldoende onderbouwd waren met objectieve documenten. Onderzoek wees uit dat overgelegde krantenartikelen en politierapporten niet authentiek of onvoldoende betrouwbaar waren. Tevens waren er tegenstrijdigheden in de verklaringen van eiser over belangrijke feiten en data.

De rechtbank concludeerde dat de minister de aanvraag terecht als kennelijk ongegrond heeft afgewezen en het beroep ongegrond verklaarde. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter A. Skerka op 16 juni 2026.

Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.9274

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , V-nummer: [V-nummer] , eiser

(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),
en

de minister van Asiel en Migratie,

(gemachtigde: mr. J. Visschers).

Inleiding

Vorige procedure
1. Eiser heeft op 16 september 2020 asiel aangevraagd in Nederland. Deze aanvraag is in eerste instantie buiten behandeling gesteld, omdat uit gegevens van Eurodac bleek dat eiser al een verzoek om internationale bescherming in Italië had ingediend. Vervolgens is eiser niet tijdig overgedragen aan Italië, waardoor Nederland verantwoordelijk is geworden voor de behandeling van de asielaanvraag. De minister heeft de aanvraag afgewezen met het besluit van 27 oktober 2022. Het beroep [1] en hoger beroep hiertegen zijn ongegrond verklaard. [2]
Huidige procedure
2. Op 3 februari 2025 heeft eiser nogmaals asiel gevraagd. In dit kader heeft een gehoor opvolgende aanvraag plaatsgevonden, waar eiser met correcties en aanvullingen op heeft gereageerd. Daarna heeft de minister op 9 januari 2026 een voornemen uitgebracht. Hier heeft eiser op gereageerd met de zienswijze van 4 februari 2026.
3. Met het besluit van 12 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel afgewezen als kennelijk ongegrond. Ook is met dit besluit een inreisverbod van twee jaar opgelegd. Op 27 oktober 2022 is al een terugkeerbesluit opgelegd, met een vertrektermijn van vier weken.
4. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit en een voorlopige voorziening ingediend om het beroep in Nederland te mogen afwachten (kenmerk: NL26.9275).
5. De rechtbank heeft het beroep en de voorlopige voorziening op 19 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van de minister deelgenomen. De gemachtigde van eiser en eiser zelf hebben zich afgemeld voor de zitting.

Asielrelaas (in essentie)

6. Eiser zegt dat hij [eiser] heet, de Nigeriaanse nationaliteit heeft en is geboren op [geboortedatum] 1990. Ook heeft eiser verklaard dat hij tot de bevolkingsgroep Esan behoort en Christen is. Eiser zegt bij terugkeer naar Nigeria te vrezen voor de groep Black Axe vanwege zijn problemen met de leider hiervan [persoon1] (hierna: [persoon1] ).
7. In de herhaalde asielaanvraag verklaart eiser voor het eerst dat hij vreest voor een netwerk van mensenhandelaren, waarvan [persoon2] (hierna: [persoon2] ) de baas is. Na de mishandeling door Black Axe zou [persoon2] zijn gekomen om eiser te helpen Nigeria te verlaten. Eiser zou dan wel in Italië als drugskoerier moeten werken om het geld hiervoor aan [persoon2] terug te betalen. Eiser heeft de schuld die hij hierdoor heeft nog niet afbetaald. Het netwerk blijft zijn familie lastigvallen.

Bestreden besluit en voornemen (in essentie)

8. De minister onderscheidt drie asielmotieven:
- eisers identiteit, nationaliteit en herkomst (acht de minister geloofwaardig);
- de door eiser gestelde problemen met [persoon1] /Black Axe (acht de minister niet geloofwaardig);
- de door eiser gestelde problemen met mensenhandelaar [persoon2] (acht de minister niet geloofwaardig).
9. De minister acht eisers problemen met [persoon1] /Black Axe niet geloofwaardig. Dit asielmotief is niet volledig met objectieve documenten onderbouwd en eisers verklaringen vormen volgens de minister geen samenhangend en aannemelijk geheel. Eiser heeft in de eerdere procedure verklaard dat hij in 2013 problemen kreeg met [persoon1] en dat dit de leider is van Black Axe. Eiser zou door [persoon1] zijn ontvoerd en mishandeld en zijn echtgenote en zoon zouden zijn ontvoerd. Eisers zoon zou vervolgens zijn vermoord en zijn vader zou bij een aanval van Black Axe verlamd zijn geraakt. Deze verklaringen zijn in de eerdere asielprocedure niet geloofwaardig geacht. De ongeloofwaardigheid hiervan staat inmiddels in rechte vast. De minister beargumenteert uitgebreid dat eisers verklaringen in deze procedure in samenhang met de documenten die hij heeft overgelegd (krantenartikel, politierapport van aangifte door eiser, politierapport van aangifte door vader van eiser en foto’s van eisers gestelde vader) niet tot een ander oordeel leiden.
10. Verder vindt de minister de problemen van eiser met mensenhandelaar [persoon2] niet geloofwaardig. Ook dit asielmotief is niet volledig met objectieve documenten onderbouwd. Bovendien vormen eisers verklaringen om verschillende redenen ook op dit punt geen samenhangend en aannemelijk geheel. Zo zijn de problemen met de mensenhandelaar om onduidelijke redenen pas bij de herhaalde asielaanvraag naar voren gebracht, heeft eiser op bepaalde onderdelen tegenstrijdig en/of summier verklaard en zijn er verklaringen die volgens de minister bevreemding wekken. Ook het overgelegde politierapport en de foto’s maken eisers verklaringen over mensenhandel niet aannemelijk.

Toetsingskader

11. In het geval van een herhaalde asielaanvraag gaat het om de aanwezigheid van ‘nieuwe elementen en bevindingen’ en of deze relevant zijn. Nieuwe elementen en bevindingen kunnen niet buiten beschouwing worden gelaten met als enkele reden dat deze ten tijde van de eerdere procedure al bekend waren. Het late moment van naar voren brengen van nieuwe elementen en bevindingen kan echter wel als aspect worden betrokken bij de geloofwaardigheidsbeoordeling. Als deze bijvoorbeeld vooral bestaan uit verklaringen en niet met bewijs worden gestaafd, dan doet dit late moment afbreuk aan de bewijskracht van het gestelde. [3]

Beoordeling door de rechtbank

12. De minister heeft tijdens de zitting naar voren gebracht dat de beroepsgronden een herhaling zijn van de zienswijze. De rechtbank stelt vast dat in beroep gronden zijn aangevoerd die inhoudelijk gaan over onderwerpen die ook in de zienswijze naar voren zijn gebracht. Hoewel op sommige punten sprake is van een herhaling is het niet zo dat de beroepsgronden in het geheel een letterlijke weergave of herhaling zijn van de zienswijze. Op bepaalde punten is een nadere toelichting gegeven. Naar het oordeel van de rechtbank is daarom sprake van een gemotiveerde betwisting van het bestreden besluit en kan de zaak inhoudelijk worden beoordeeld. De rechtbank zal in het navolgende per niet geloofwaardig geacht asielmotief eerst in essentie het standpunt van de minister weergeven en daarna dat van eiser om vervolgens over te gaan tot de beoordeling.
De beweerde problemen met [persoon1] /de groep Black Axe
13. De minister heeft de beweerde problemen in 2013 met [persoon1] ofwel de groep Black Axe in de vorige asielprocedure al niet geloofwaardig geacht. Pas in deze procedure heeft eiser voor het eerst ter ondersteuning een krantenartikel en twee politierapporten overgelegd. Bureau Documenten heeft de krant (The Nigerian Observer van 21 mei 2013) onderzocht en vastgesteld dat de pagina’s 5 en 6 en de contrapagina’s 27 en 28 niet de origineel geproduceerde pagina’s zijn. De krant is dus niet in deze verschijningsvorm uitgegeven. Eiser kan hier geen deugdelijke verklaring over geven. De politierapporten die zijn afgegeven op 13 maart 2013 en op 21 mei 2013 zijn ook onderzocht door Bureau Documenten. Voor beide rapporten geldt dat geen uitspraak kan worden gedaan over de echtheid. Politierapporten waarvan de authenticiteit niet vaststaat kunnen niet de ongeloofwaardigheid van alle verklaringen en gestelde problemen uit voorgaande procedures anders belichten. De politierapporten zijn ook geen objectieve bewijsstukken omdat deze slechts een weergave bevatten van eisers verklaringen en de verklaringen van zijn vader. Daarnaast zijn er inconsistenties tussen wat in de politierapporten staat en eiser in de eerdere asielprocedure heeft verklaard. Eiser heeft bijvoorbeeld eerder verklaard na de mishandeling door de jongens van Black Axe rechtstreeks naar [plaats] te zijn gebracht, het is dan niet mogelijk dat eiser eerst naar het politiebureau is toegegaan om hier aangifte van te doen. Verder worden bijvoorbeeld ook twee verschillende gebeurtenissen naar voren gebracht over het moment waarop eisers vader een dwarslaesie heeft gekregen. Hierdoor is onduidelijk welk verhaal klopt.
14. Eiser erkent in de beroepsgronden dat aan de overgelegde krant geen waarde meer toekomt, tegelijk voert hij hierover nog wel argumenten aan. Voor de politierapporten is volgens eiser van belang dat Bureau Documenten geen eenduidig oordeel hierover heeft gegeven. Om deze reden komt aan de rapporten wel enig gewicht toe en moeten deze positief bijdragen aan het onderbouwen van het asielrelaas. De minister werpt tegen dat er inconsistenties zouden zijn in het relaas, tegelijk begrijpt de minister dat eiser sommige momenten in de tijd is vergeten. Het gegeven dat eiser moeite heeft met data werkt in de hele procedure door en daarom werpt de minister in het bestreden besluit ten onrechte tegen dat eiser consistent in de tijd had moeten verklaren. De reden dat eiser niet eerder het krantenartikel en politierapporten heeft overgelegd is dat hij niet goed op de hoogte is gebracht van de waarde van objectieve documenten in de asielprocedure.
15. De rechtbank overweegt dat eiser in de eerdere procedure ook al heeft verklaard over problemen met [persoon1] /de groep Black Axe. Het asielrelaas is toen niet geloofwaardig geacht. Nu heeft eiser nader verklaard en een krantenartikel en politierapporten overgelegd. De minister heeft het opmerkelijk kunnen vinden dat eiser deze documenten nu pas inbrengt, omdat hij er in de gehoren van destijds op is gewezen dat het belangrijk is het relaas met stukken te onderbouwen. [4] Ook heeft de minister kunnen overwegen dat aan de overgelegde stukken niet de bewijswaarde toekomt die eiser graag wenst. Bureau Documenten heeft in het rapport van 11 februari 2025 vastgesteld dat uit de overgelegde krant de pagina’s 5 en 6 en de contrapagina’s 27 en 28, niet de origineel geproduceerde pagina’s zijn. In de beroepsgronden noemt eiser zelf dat juist dit de pagina’s zijn die het belangrijkste zijn voor de ondersteuning van zijn relaas. Van de politierapporten staat de authenticiteit niet vast. Daarbij heeft de minister kunnen overwegen dat een aangifte de weergave is van verklaringen van de aangever zelf. Verder is de minister in het voornemen en bestreden besluit ingegaan op inconsistenties tussen de inhoud van de aangiften en eisers verklaringen in het kader van zijn asielaanvragen. Deze tegenwerpingen heeft eiser in de gronden van beroep niet concreet weerlegd. De enkele stelling dat eiser moeite zou hebben met het benoemen van data is niet onderbouwd en weegt niet op tegen de negen redenen die de minister geeft om het relaas ten aanzien van dit asielmotief geen samenhangend en aannemelijk geheel te achten. In dit geval kon de minister de overgelegde documenten in samenhang met het (op punten onduidelijke en inconsistente) relaas onvoldoende vinden om het asielmotief over de problemen met [persoon1] /de groep Black Axe geloofwaardig te achten. De beroepsgrond slaagt niet.
Het relaas van eiser over mensenhandel
16. De minister werpt tegen dat eiser tijdens de eerste asielprocedure niets heeft gezegd over de beweerde mensenhandel en dat zijn verklaringen niet zijn onderbouwd met objectieve documenten. Tijdens de vier gehoren die eiser destijds heeft gehad is meegedeeld dat hij in vrijheid kon spreken en dat alles vertrouwelijk zou worden behandeld. Bovendien heeft eiser toen wel verklaard over het andere asielmotief (met betrekking tot Black Axe). Ook zitten er tegenstrijdigheden in eisers relaas. In het politierapport staat dat eisers vader heeft verklaard dat [persoon2] onbekende mensen naar het huis heeft gestuurd waarna hij en de familie zou zijn geslagen en zijn heup zou zijn ontwricht. In de vorige procedure heeft eiser echter verklaard dat de mishandeling van zijn vader en dwarslaesie van zijn vader is veroorzaakt door problemen met [persoon1] (baas van Black Axe). In de vorige procedure is gevraagd of eiser vanwege de reis met een mensensmokkelaar nog iemand geld verschuldigd is. Eiser heeft dit toen ontkend, terwijl hij het nu wel heeft over een openstaand geldbedrag. Ook heeft eiser tegenstrijdig verklaard over de hoogte van het geldbedrag dat hij [persoon2] moest betalen. Tijdens het gehoor opvolgende aanvraag heeft eiser verteld dat hij 13 miljoen Nigeriaanse Naira moest betalen, maar in de correcties en aanvullingen heeft hij het over een geldbedrag van 30 miljoen Nigeriaanse Naira. In de huidige procedure heeft eiser het enkel over dat hij door [persoon2] naar Italië is gebracht en in de vorige procedure zei eiser nog dat hij eerst van 2013 tot 2017 in Libië in de gevangenis zat. Verder heeft eiser summier verklaard over de beweerde bedreigingen van familieleden door [persoon2] . Hij weet niet hoe vaak zijn familie is bedreigd en ook niet hoe de bedreiging van zijn broertje is gegaan in februari 2025.
17. Eiser voert in beroep aan dat vreemdelingen vaak niet geneigd zijn problemen naar voren te brengen die zij in het land van herkomst zelf hebben veroorzaakt. Eiser is zelf in contact gekomen met het netwerk van mensenhandelaars en heeft hier welwillend gebruik van gemaakt. De minister heeft in de vorige procedure de term mensenhandelaars niet genoemd en eiser zag zijn problemen in relatie hiermee niet als asielmotief. De schuld die eiser heeft is 30 miljoen Nigeriaanse Naira, wellicht heeft de tolk dit tijdens het gehoor niet goed verstaan. De minister heeft eerder niet kenbaar gemaakt dat het ongeloofwaardig is dat eiser met behulp van mensensmokkelaars naar Europa is gekomen, of in ieder geval in aanraking is gekomen met mensensmokkelaars.
18. De rechtbank overweegt dat eiser bij de herhaalde aanvraag een geheel nieuw asielmotief naar voren heeft gebracht. De minister heeft kunnen tegenwerpen dat dit niet met objectief verifieerbare documenten is onderbouwd en dat het opmerkelijk is dat eiser dit niet eerder naar voren heeft gebracht. Het gaat immers om beweerde ingrijpende gebeurtenissen die nu nog een rol zouden spelen. Ook heeft de minister eisers verklaringen niet aannemelijk kunnen achten. Hierbij heeft de minister op belangrijke onderwerpen meerdere tegenstrijdigheden genoemd in eisers relaas (over wie verantwoordelijk is voor de bedreiging van eisers familie, waar eiser naartoe is gegaan na de mishandeling, of er wel/niet een geldbedrag openstaat bij een mensensmokkelaar, hoeveel Nigeriaanse Naira eiser nog verschuldigd zou zijn). Dat de term mensenhandelaar niet genoemd zou zijn door de minister maakt niet dat eiser niet uit zichzelf over de beweerde problemen met [persoon2] had kunnen verklaren. Verder komt in het verslag van het gehoor opvolgende aanvraag van 28 maart 2025 drie keer naar voren dat het om een bedrag van 13 miljoen Nigeriaanse Naira zou gaan (zie pagina 10, 11 en 15). Dat het desondanks om een vertaalfout of vergissing van de tolk zou gaan is dan ook niet aannemelijk gemaakt. Tot slot ziet het huidige standpunt van de minister specifiek op de verklaringen van eiser in het kader van de herhaalde aanvraag, deze worden gezien de gehele context niet aannemelijk geacht. De beroepsgronden slagen niet.

Conclusie en gevolgen

19. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als kennelijk ongegrond.
Het beroep is ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, rechter, in aanwezigheid van mr. S. van den Broek, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
16 juni 2026

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Arnhem, van 21 maart 2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:1538.
2.Uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 1 mei 2023 (202302416/1/V3).
3.Werkinstructie 2023/7, blz. 8.
4.Aanmeldgehoor van 16 mei 2021, blz 10 en nader gehoor van 8 februari 2022, blz 4.