Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Non-refoulement
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Senegalese vreemdeling, werd op 4 juni 2026 de maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. Eiser stelde dat het binnentreden van zes opsporingsambtenaren in zijn kamer disproportioneel was en dat de bewaring onrechtmatig was. Daarnaast vreesde hij bij uitzetting naar Senegal schending van zijn rechten op grond van artikel 2 en Pro 3 EVRM vanwege zijn homoseksualiteit.
De rechtbank oordeelde dat het binnentreden met zes opsporingsambtenaren niet disproportioneel was, verwijzend naar een eerdere uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak. Tevens stelde de rechtbank vast dat de minister bij het opleggen van de bewaring het non-refoulement-beginsel had beoordeeld en dat er geen nieuwe feiten waren die een schending van dit beginsel aannemelijk maakten.
De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring rechtmatig was en wees het beroep ongegrond. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.