Eisers hebben een verzoek ingediend voor tegemoetkoming in planschade en toekenning van nadeelcompensatie vanwege beperkingen door het bestemmingsplan “Madestein-Vroondaal” en latere herzieningen. Het college kende een tegemoetkoming in natura toe voor directe planschade en een vergoeding voor deskundigenkosten, maar wees het verzoek om nadeelcompensatie af. Eisers stelden beroep in tegen deze afwijzing.
De rechtbank oordeelt dat het college het verzoek om nadeelcompensatie terecht heeft afgewezen, omdat eisers hun verloren gegane bouwmogelijkheden hebben teruggekregen door een nieuw bestemmingsplan dat onherroepelijk is geworden. De beroepsgronden, waaronder de onafhankelijkheid van het adviesbureau SAOZ en de aard van de planschade, zijn verworpen zoals toegelicht in een vergelijkbare zaak (SGR 23/5727).
Daarnaast is vastgesteld dat de behandeling van de zaak de redelijke termijn van twee jaar aanzienlijk heeft overschreden. Eisers krijgen daarom een schadevergoeding van in totaal € 2.500,-, waarvan € 1.300,- door het college en € 1.200,- door de Staat wordt betaald. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.