ECLI:NL:RBDHA:2026:1834
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.S. Gaastra
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen voortduren maatregel van bewaring vreemdeling
De minister van Asiel en Migratie heeft op 11 december 2025 een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eiser stelde beroep in tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht tevens om schadevergoeding. De rechtbank had deze maatregel reeds eerder getoetst en verklaard rechtmatig tot 23 december 2025.
In het huidige beroep richt de beoordeling zich op de periode na 23 december 2025. Eiser stelt dat de minister voldoende voortvarend heeft gehandeld, onder meer door het indienen van een laissez-passer aanvraag en het voeren van een vertrekgesprek. De rechtbank ziet geen reden om het voortduren van de maatregel onrechtmatig te achten.
Ambtshalve toetsing door de rechtbank bevestigt dat de rechtmatigheidsvoorwaarden voor de maatregel nog steeds zijn vervuld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.