Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
- de woning en/of voortuin en/of hekwerk aan de [adres 2] en/of
- aangrenzende woningen/panden in de [straatnaam 1] en/of
- geparkeerde voertuigen in de [straatnaam 1] te duchten was;
zij op of omstreeks 28 oktober 2023 te Den Haag, althans in Nederland, bij een woning aan de [adres 2] , opzettelijk brand heeft gesticht, door (open) vuur in aanraking te brengen met (motor)benzine, althans een brandbare vloeistof, en/of een fles en/of een krant terwijl daarvan gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten
- (de voordeur van) de woning en/of voortuin en/of hekwerk aan de [adres 2] en/of
- aangrenzende woningen/panden in de [straatnaam 1] te duchten was en/of
levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten
- de in voornoemde woning(en) aanwezige personen te duchten was;
zij op of omstreeks 14 augustus 2023 te Den Haag, althans in Nederland, bij een voertuig (een bestelauto met kenteken [kenteken] ) geparkeerd ter hoogte van de [adres 3] , opzettelijk brand heeft gesticht, door (brandbare) vloeistof over het voertuig te sprenkelen en vervolgens (met een aansteker) open vuur in aanraking te brengen met papier en/of een fles (met daarin benzine) en/of die (brandende) fles tegen/naar het voertuig te gooien terwijl daarvan gemeen gevaar voor een of meer goederen, te weten
- de motorkap en/of grill van voornoemd voertuig te duchten was;
zij op of omstreeks 30 augustus 2023 te Den Haag, althans in Nederland, opzettelijk en wederrechtelijk een ruit van de woning gelegen aan de [adres 4] , in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan een ander, te weten aan [benadeelde] , toebehoorde heeft vernield.
3.De bewijsbeslissing
in de bijlageopgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.
- de woning en voortuin en hekwerk aan de [adres 2] en
- aangrenzende woningen/panden in de [straatnaam 1] en
te duchten was;
zij op 28 oktober 2023 te Den Haag bij een woning aan de [adres 2] opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met motorbenzine en een fles en een krant terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten
- de voordeur van de woning en voortuin en hekwerk aan de [adres 2] en
- aangrenzende woningen/panden in de [straatnaam 1] te duchten was en
levensgevaar en gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander, te weten
- de in voornoemde woningen aanwezige personen te duchten was;
zij op 14 augustus 2023 te Den Haag bij een voertuig, een bestelauto met kenteken [kenteken] , geparkeerd ter hoogte van de [adres 3] , opzettelijk brand heeft gesticht, door brandbare vloeistof over het voertuig te sprenkelen en vervolgens met een aansteker open vuur in aanraking te brengen met papier en een fles met daarin benzine en die brandende fles tegen/naar het voertuig te gooien terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen, te weten
- de motorkap en grill van voornoemd voertuig te duchten was;
zij op 30 augustus 2023 te Den Haag opzettelijk en wederrechtelijk een ruit van de woning gelegen aan de [adres 4] dat aan een ander, te weten aan [benadeelde] , toebehoorde heeft vernield.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
Ten tijde van het plegen van het ten laste gelegde was de verdachte psychotisch. Aangezien zij in die periode vrijwel dagelijks amfetamine gebruikte, is het aannemelijk dat zij ten tijde en in aanloop tot het ten laste gelegde onder invloed was van dit middel. Het is aannemelijk dat hierdoor haar gedragskeuzes en gedragingen werden beïnvloed.
De rapporteur adviseert de feiten in (tenminste) verminderde mate aan de verdachte toe te rekenen.
De kans op herhaling op inadequaat en agressief gedrag wordt door de rapporteur als hoog ingeschat. Er is geen sprake van beschermende factoren. De verdachte heeft jarenlang steeds marginaal zorg geaccepteerd en is steeds verder achteruit gegaan in haar functioneren. Zij blijft een aversie houden jegens de betreffende familie. De verdachte is bovendien ernstig verslaafd aan amfetamine. Zonder adequate behandeling en begeleiding zal haar toestand verder verslechteren, zal zij zich verder verwaarlozen en gevaarlijk gedrag blijven vertonen.
Vanwege de ernstige psychische problematiek en het hoge recidiverisico is langdurige en intensieve (klinische gevolgd door ambulante) behandeling nodig. De verdachte heeft weinig ziekte-inzicht en eerdere hulp heeft niet tot gedragsverandering geleid. Behandeling van de psychotische stoornis en abstinentie van middelen zijn noodzakelijk. Geadviseerd wordt de verdachte tbs met voorwaarden op te leggen. Daarnaast wordt geadviseerd haar een GVM op te leggen om langdurig toezicht mogelijk te maken na beëindiging van de tbs met voorwaarden.
De rapporteur acht een langdurige, intensieve behandeling geïndiceerd die start met een klinische opname, van waaruit wordt gewerkt aan het vergroten van het probleeminzicht, het leren omgaan met de pathologie en het opbouwen van beschermende factoren.
Bovengenoemd interventieadvies kan het beste worden vormgegeven binnen een tbs met voorwaarden. Ook wordt geadviseerd om een GVM op te leggen.
Vanwege de psychiatrische problematiek, in combinatie met overmatig middelengebruik (hetgeen een psychose kan luxeren), het ontbreken van beschermende factoren (buiten contact vader) en agressief gedrag in de voorgeschiedenis (hetgeen niet geleid heeft tot justitiecontact), schat de reclassering het risico op delictgedrag in als hoog. Vanwege het ontbreken van probleembesef en ziekte-inzicht en daarmee tevens intrinsieke motivatie voor behandeling, schat de reclassering het risico op onttrekken aan voorwaarden in als gemiddeld.
Uit de Pro Justitia rapportages komt naar voren dat langdurige behandeling en ondersteuning noodzakelijk wordt geacht. De verdachte heeft inmiddels ingestemd met een klinische opname en het gebruik van medicatie. De reclassering acht een tbs met voorwaarden haalbaar, mede gelet op de extrinsieke motivatie.
• Geen strafbaar feit plegen
• Meewerken aan reclasseringstoezicht
• Meewerken aan een time-out
• Niet naar het buitenland reizen
• Opname in een zorginstelling
• Ambulante behandelverplichting
• Meewerken aan begeleid wonen
• Verbod op het gebruik van verdovende middelen
• Meewerken aan bewindvoering
• Contactverbod met de aangevers
• Locatieverbod (met elektronisch toezicht indien van toepassing)
acht maandenpassend en geboden is.
ten aanzien van dagvaarding II feit 1sprake is van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, zodat de totale duur van de terbeschikkingstelling langer kan duren dan vier jaren.
7.De vordering van de benadeelde partij/de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
8 (ACHT) MAANDEN;
dadelijk uitvoerbaaris;
[aangeefster], vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente tot de dag waarop deze vordering is betaald over een bedrag van:
,ten behoeve van
[aangeefster];
[broer van aangeefster];
,ten behoeve van
[broer van aangeefster];