Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord van 24 februari 2026 met producties 1 tot en met 6;
- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald;
2.De kern van de zaak
3.De feiten
Goedemorgen [naam 2] ,
Naam organisatie : [gedaagde partij]
Adres: [adres]
Naam tekenbevoegde; [naam 1]
(…)
Algemene informatie
(…)
Deze overeenkomst is overdraagbaar is aan een nieuw op te richten BV van Pajama Party. De overdracht dient schriftelijk aan Supper te worden bevestigd, inclusief de bedrijfsgegevens van de nieuwe BV.
(…)
Pajama Party betaalt € 750,- excl. 21% btw huur aan de Supperclub.
Indien het contract is getekend, is deze bindend. Indien de organisatie het evenement om welke reden dan ook niet door kan laten gaan of wilt verplaatsen, zal SC de minimale baromzet door berekenen aan de organisatie welke € 6.000,- incl. BTW bedraagt.
2 maanden voor aanvang van het event = 100% van de minimale besteding.
3 maanden en verder van te voren = 50% van de minimale besteding.
SC zal een factuur sturen naar de organisatie met het verschuldigde bedrag.
Het bedrag zal binnen 2 weken na bevestiging van het cancelen moeten worden betaald aan SC per bank.
Indien dit bedrag niet tijdig wordt betaald zal de factuur uit handen worden gegeven.”
Beste [naam 2] , beste [naam 3] ,
10-10-2025” en heeft als omschrijving “
05-10-2025 – Cancellation fee – minimale baromzet garantie”.
4.Het geschil
5.De beoordeling
overdraagbaar is aan een nieuw op te richten BV van Pajama Party”. [gedaagde partij] stelt zich namelijk niet op het standpunt dat de Overeenkomst daadwerkelijk aan een andere partij is overgedragen.
binnen 2 weken na bevestiging van het cancelen’. De annulering heeft plaatsgevonden op 8 september 2025, dus dit zou betekenen dat de boete uiterlijk op 22 september 2025 moet worden betaald. Het gevolg hiervan zou zijn dat de rente eerder begint te lopen dan Supperclub vordert. Daarom zal de kantonrechter de wettelijke handelsrente toewijzen vanaf de gevorderde datum, te weten 10 oktober 2025.