ECLI:NL:RBDHA:2026:20008
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Colombiaanse LHBTI-vluchteling wegens kennelijk ongegrond
Eiser, een Colombiaanse homoseksuele dragqueen, vroeg asiel aan in Nederland na mishandeling en bedreiging door een criminele groepering, El Tren de Aragua. Hij vreesde vervolging vanwege zijn seksuele geaardheid en de dreiging van deze groep. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser onvoldoende bewijs leverde voor de problemen met El Tren de Aragua en de aanvraag niet tijdig indiende.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat de geloofwaardigheid van het asielverhaal over El Tren de Aragua onvoldoende was onderbouwd. Tegenstrijdigheden in verklaringen en gebrek aan documenten speelden een rol. De rechtbank vond dat de situatie voor homoseksuelen in Colombia volgens het ambtsbericht niet zodanig is dat er sprake is van een gegronde vrees voor vervolging.
Verder concludeerde de rechtbank dat eiser zich niet binnen de vereiste termijn had gemeld voor asiel, wat de afwijzing als kennelijk ongegrond rechtvaardigt. De medische situatie en het huwelijk in Nederland gaven geen aanleiding tot een andere beoordeling. Het beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.