ECLI:NL:RBDHA:2026:20249
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag machtiging tot voorlopig verblijf voor oud-Nederlanders uit Suriname
Eisers, geboren in Suriname toen het nog onderdeel was van het Koninkrijk der Nederlanden, hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met als doel humanitair niet-tijdelijk. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen, waarna eisers bezwaar maakten en vervolgens beroep instelden bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat eisers niet onder het wedertoelatingsbeleid vallen omdat dit beleid alleen geldt voor oud-Nederlanders geboren en getogen in het huidige Europese Nederland. De afwijzing van de aanvraag leidt niet tot directe of indirecte discriminatie, aangezien de nationaliteitskwestie bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 is geregeld en geen verboden onderscheid oplevert.
Verder is Nederland niet het eigen land van eisers in de zin van artikel 12, vierde lid, IVBPR, omdat de banden met Suriname sterker zijn. Ook is er geen sprake van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie met hun meerderjarige dochter in Nederland, zodat geen beschermenswaardig familieleven bestaat. Eisers hoefden niet te worden gehoord in bezwaar, omdat hun medische situatie onvoldoende was geconcretiseerd en een hoorzitting geen andere uitkomst zou hebben gegeven.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eisers krijgen geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep van eisers wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van hun aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf wordt bevestigd.