ECLI:NL:RBDHA:2026:21067

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 juli 2026
Publicatiedatum
28 juli 2026
Zaaknummer
NL25.34326
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 8:54 AwbArt. 42 Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens toepassing besluitmoratorium Syrië op asielaanvraag

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 13 juli 2024. De rechtbank beoordeelt dit beroep buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb.

De wettelijke beslistermijn voor asielaanvragen bedraagt zes maanden, wat in deze zaak zou eindigen op 13 januari 2025. Vaststaat dat binnen deze termijn geen besluit is genomen. Echter, op de asielaanvraag is het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium van toepassing, omdat eiser de Syrische nationaliteit heeft en niet valt onder de uitzonderingscategorieën.

Het besluitmoratorium liep van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de beslistermijn is opgeschort en pas op 14 juni 2025 weer is gaan lopen. Hierdoor eindigde de beslistermijn op 13 juli 2025. Op het moment van de ingebrekestelling op 8 juli 2025 was de beslistermijn nog niet verstreken, waardoor het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard.

De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard vanwege de opschorting van de beslistermijn door het besluitmoratorium.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.34326

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. N. Vollebergh),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Inleiding

Eiser heeft op 28 juli 2025 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 13 juli 2024.
De rechtbank doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb. [1]

Beoordeling door de rechtbank

1. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.
2. Op grond van artikel 42, eerste lid, van de Vw [2] moet er binnen zes maanden op een asielaanvraag worden beslist. De beslistermijn zou, gezien de datum van indiening van de asielaanvraag, in dit geval op 13 januari 2025 eindigen. Vaststaat dat binnen die termijn geen beslissing is genomen.
3. Op de asielaanvraag van eiser is echter het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [3] van toepassing geweest. Eiser stelt namelijk dat hij de Syrische nationaliteit heeft. Niet is gebleken dat eiser viel onder één van de in artikel 4 van Pro het Besluit tot instelling van het besluitmoratorium [4] genoemde categorieën die waren uitgesloten van de werking van het besluitmoratorium. Het gevolg is geweest dat de beslistermijn is opgeschort voor de duur van het besluitmoratorium. Dit was van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025. De wettelijke beslistermijn is vervolgens weer gaan lopen op 14 juni 2025. De beslistermijn eindigde als gevolg hiervan pas op 13 juli 2025.
4. Dat betekent dat op het moment van indiening van de ingebrekestelling, op 8 juli 2025, de beslistermijn nog niet was verstreken. Daarom is het beroep tegen het uitblijven van een besluit op de aanvraag kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 27 juli 2026 door mr. J.F.I. Sinack, rechter, in aanwezigheid van mr. A.M. Verberne, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Algemene wet bestuursrecht.
2.Vreemdelingenwet 2000.
3.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.
4.Besluit van de Minister van Asiel en Migratie van 11 december 2024, nummer 5987202, tot het instellen van een besluitmoratorium en vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Syrië, Staatscourant 2024, 41538.