Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlasteleggingen
hij op of omstreeks 11 mei 2024 te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan tot op heden onbekend gebleven perso(o)n(en) opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen een houten stoel vanaf een loopbrug over de reling naar beneden heeft gegooid, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
hij op of omstreeks 11 mei 2024 te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg openlijk, te weten op of aan de Liguster (Westfield Mall of the Netherlands), in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een goed, te weten een plantenpot en/of een houten stoel door deze plantenpot en/of deze houten stoel vanaf een loopbrug over de reling naar beneden te gooien; terwijl hij, verdachte, deze goederen opzettelijk heeft vernield;
hij op of omstreeks 18 juni 2024 te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg opzettelijk en wederrechtelijk een glazen deur, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de VVE en/of [aangever 1] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt.
Dagvaarding II - 09-057751-25
3.De bewijsbeslissing
hij op 11 mei 2024 te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan
eentot op heden onbekend gebleven persoon opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen een houten stoel vanaf een loopbrug over de reling naar beneden heeft gegooid, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2
hij op 18 juni 2024 te Leidschendam, gemeente Leidschendam-Voorburg, opzettelijk en wederrechtelijk een glazen deur, die geheel aan een ander toebehoorde, heeft vernield.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De op te leggen straffen
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
54 (VIERENVIJFTIG) DAGEN;
zijnde 54 dagen, bij de tenuitvoerlegging van deze jeugddetentie geheel in mindering zal worden gebracht;
taakstraf, bestaande uit een
leerstraf, zijnde het volgen van een leerproject, te weten So-Cool regulier, voor de duur van
40 (VEERTIG) UREN;
20 (TWINTIG) DAGEN;
taakstraf, bestaande uit een
werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van
40 (VEERTIG) UREN;
20 (TWINTIG) DAGEN;
twee jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;