ECLI:NL:RBDHA:2026:273
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de niet-ontvankelijkheid van twee beroepen inzake asielopvang en vrijheidsbeperkende maatregelen
Op 8 januari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak waarin twee beroepen van eiser tegen besluiten van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa) en de minister van Asiel en Migratie aan de orde waren. Het eerste beroep was gericht tegen het plaatsingsbesluit van het COa van 12 oktober 2025, waarin eiser werd geplaatst in de HTL in Hoogeveen. Het tweede beroep betrof een vrijheidsbeperkende maatregel die door de minister was opgelegd op dezelfde datum. Eiser heeft op 14 oktober 2025 de HTL vrijwillig verlaten en heeft sindsdien geen opvang meer aangevraagd bij het COa. De minister heeft de vrijheidsbeperkende maatregel per 14 oktober 2025 opgeheven. Eiser heeft op 3 november 2025 een beroepschrift ingediend, waarop het COa op 5 december 2025 heeft gereageerd met een verweerschrift. De rechtbank heeft de beroepen op 18 december 2025 behandeld, maar eiser en zijn gemachtigde waren niet aanwezig. De rechtbank heeft vastgesteld dat eiser op 14 oktober 2025 met onbekende bestemming is vertrokken en dat zijn gemachtigde geen contact meer met hem heeft. Hierdoor concludeert de rechtbank dat eiser geen procesbelang meer heeft bij de beoordeling van zijn beroepen. De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk en ziet af van verdere beoordeling van de bestreden besluiten. Er worden geen proceskosten vergoed.