ECLI:NL:RBDHA:2026:304
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenveroordeling na intrekking beroep asielverblijfsvergunning
Verzoeker diende beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Op 13 oktober 2025 nam de minister alsnog een besluit op deze aanvraag, waarna verzoeker zijn beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de minister tegemoet is gekomen aan het beroep door alsnog een besluit te nemen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit Proceskosten bestuursrecht kan de rechtbank in dat geval het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
Gezien de lichte aard van de zaak en het beperkte belang hanteert de rechtbank een wegingsfactor van 0,5 op het standaardbedrag voor proceskosten bij professionele rechtsbijstand. Het toegekende bedrag bedraagt € 467,-. De rechtbank wijst het verzoek toe zonder partijen te horen en veroordeelt de minister tot betaling van dit bedrag.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van € 467,- aan proceskosten aan verzoeker.