ECLI:NL:RBDHA:2026:3090
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsdocument EU/EER en inreisverbod op grond van Chavez-Vilchez
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragende man, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsdocument EU/EER met betrekking tot zijn vermeende zorg- en opvoedingstaken voor een minderjarige Nederlandse dochter van zijn gestelde partner. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag en het verzoek tot opheffing van het inreisverbod afgewezen. De rechtbank heeft het beroep van eiser tegen deze besluiten behandeld.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij daadwerkelijk meer dan marginale zorg- en opvoedingstaken verricht voor de minderjarige, noch dat er een afhankelijkheidsrelatie bestaat die het vertrek van de minderjarige uit de EU zou veroorzaken. E-mails van de gestelde partner aan de IND waarin zij de relatie ontkent en afstand neemt van eiser, ondersteunen dit oordeel. Het herstel van de relatie is niet voldoende onderbouwd.
Verder heeft de rechtbank geoordeeld dat het bestreden besluit niet in strijd is met artikel 8 van Pro het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, omdat het niet leidt tot onrechtmatige scheiding van gezinsleden. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag verblijfsdocument en het verzoek tot opheffing van het inreisverbod wordt ongegrond verklaard.