ECLI:NL:RBDHA:2026:3661
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens vertrek met onbekende bestemming
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Zwitserland verantwoordelijk is voor de aanvraag. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en beoordeelt het beroep op basis van de schriftelijke stukken.
De rechtbank heeft ambtshalve onderzocht of eiser nog procesbelang heeft bij het beroep. De minister heeft meegedeeld dat eiser op 11 februari 2026 met onbekende bestemming is vertrokken. De gemachtigde van eiser heeft verklaard geen contact meer te hebben met eiser sinds het indienen van het beroepschrift en gaat ervan uit dat eiser over zelfstandige woonruimte beschikt. Er zijn geen concrete aanwijzingen dat eiser nog prijs stelt op bescherming in Nederland.
Gezien het fundamentele belang van toegang tot de rechter wordt terughoudend omgegaan met niet-ontvankelijkheid op basis van een MOB-melding. In dit geval is echter vastgesteld dat eiser geen actueel en reëel belang meer heeft bij de procedure. Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en beoordeelt zij het besluit niet inhoudelijk. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser met onbekende bestemming is vertrokken en geen procesbelang meer heeft.