Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Conclusie
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Ghanese vreemdeling, werd op 30 juli 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel werd op 23 januari 2026 verlengd met maximaal twaalf maanden vanwege het ontbreken van medewerking aan zijn uitzetting en het ontbreken van benodigde documenten.
Eiser voerde aan dat het verlengingsbesluit niet correct was uitgereikt en dat de voortzetting van de bewaring onevenredig was omdat er onvoldoende zicht op uitzetting zou zijn. De rechtbank oordeelde dat het besluit rechtsgeldig was uitgereikt, ondanks weigering van eiser om te tekenen, en dat verweerder voldoende inspanningen had verricht om de uitzetting te realiseren.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet meewerkt aan zijn uitzetting, onder meer door het weigeren van medewerking aan de aanvraag van een laissez-passer en het niet verstrekken van documenten. Hierdoor is de verlenging van de bewaring gerechtvaardigd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlenging van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.