Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Chinese nationaliteit, verblijft sinds 1993 in Nederland en diende in 2023 een asielaanvraag in na zijn aanhouding als illegaal verblijvende vreemdeling. Hij stelt dat hij vanwege de-registratie in China en het ontbreken van documenten risico loopt bij terugkeer. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser geen relevante verklaringen voor asielrechtelijke bescherming gaf en zich niet onverwijld meldde.
Eiser voerde aan dat hij als staatloos zou worden beschouwd in China en dat hij onterecht geen humanitaire verblijfsvergunning kreeg. De rechtbank oordeelde dat eiser zijn stellingen onvoldoende onderbouwde, geen bewijs over de-registratie overlegde en dat landeninformatie geen risico op ernstige schade bij terugkeer ondersteunt.
Verder werd het recht op privéleven onder artikel 8 EVRM Pro niet geschonden, mede vanwege het illegale verblijf en beperkte sociale banden in Nederland. Het beroep werd ongegrond verklaard en het inreisverbod van twee jaar werd bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag, verblijfsvergunning en het inreisverbod worden bevestigd.