Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
In deze zaak heeft de Rechtbank Den Haag op 12 januari 2026 uitspraak gedaan in een vervolgberoep tegen de maatregel van bewaring die op 24 oktober 2025 aan de eiser, een Marokkaanse vreemdeling, was opgelegd. De eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en het onderzoek op 8 januari 2026 gesloten. De rechtbank heeft overwogen dat de maatregel van bewaring eerder is getoetst en dat deze tot het moment van het sluiten van het onderzoek op 5 november 2025 rechtmatig was. De rechtbank heeft vastgesteld dat de eiser geen nieuwe beroepsgronden heeft aangevoerd en dat verweerder voldoende voortvarend heeft gewerkt aan de uitzetting van de eiser. De rechtbank heeft geoordeeld dat er zicht op uitzetting naar Marokko is, ondanks het feit dat de Marokkaanse autoriteiten nog niet hebben gereageerd op de lp-aanvraag van de eiser. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.