ECLI:NL:RBDHA:2026:4514

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
27 januari 2026
Publicatiedatum
6 maart 2026
Zaaknummer
C/09/695287 / FA RK 25-8974
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding geregistreerd partnerschap met ouderschapsplan vastgesteld

De rechtbank Den Haag heeft op 27 januari 2026 de ontbinding van het geregistreerd partnerschap tussen partijen uitgesproken. Eerder, op 19 januari 2026, was reeds de ontbinding vastgesteld met bijgevoegde regelingen in het convenant. De procedure omvatte onder meer het indienen van een ouderschapsplan door partijen.

De rechtbank heeft het ouderschapsplan, opgesteld door partijen, als onderdeel van de beschikking opgenomen. Hiermee zijn de afspraken over de zorg en opvoeding van de minderjarige kinderen juridisch vastgelegd. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard, wat betekent dat de besluiten direct kunnen worden uitgevoerd.

Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Den Haag binnen drie maanden na de uitspraak, waarbij de verzoekende partij en verschenen belanghebbenden deze termijn in acht moeten nemen. De beschikking is in het openbaar uitgesproken door rechter H.M. Boone, tevens kinderrechter, in aanwezigheid van griffier J.L. Salters.

Uitkomst: De rechtbank heeft het geregistreerd partnerschap ontbonden en het ouderschapsplan vastgesteld als onderdeel van de beschikking, uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Team Familie
zaaknummer / rekestnummer: C/09/695287 / FA RK 25-8974
Beschikking d.d. 27 januari 2026 betreffende de ontbinding van het geregistreerd partnerschap
in de zaak van:
[partij A] ,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
hierna te noemen [partij A] ,
advocaat mr. D. Nan, gevestigd te Amsterdam,
tegen
[partij B] ,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
hierna te noemen [partij B] .

1.De verdere procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de beschikking van deze rechtbank d.d. 19 januari 2026;
- het F9-formulier namens [partij A] van 16 januari, met als bijlage het ouderschapsplan;
- de referteverklaring van [partij B] , ingekomen op 16 januari 2026.
1.2.
Bij beschikking van 19 januari 2026 heeft de rechtbank de ontbinding van het geregistreerd partnerschap uitgesproken en de regelingen zoals die staan in het convenant aan de beschikking gehecht, de zaak is aangehouden ten aanzien van het ouderschapsplan.

2.De verdere beoordeling

2.1.
De rechtbank verwijst naar en neemt over hetgeen is opgenomen in haar beschikking van 19 januari 2026.
2.1.1.
Partijen hebben een ouderschapsplan opgesteld. De rechtbank zal overeenkomstig het verzoek bepalen dat het ouderschapsplan deel uitmaakt van deze beschikking.

3.De beslissing

De rechtbank:
3.1.
bepaalt dat het aangehechte ouderschapsplan deel uitmaakt van deze beschikking;
3.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. H.M. Boone, rechter, tevens kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier J.L. Salters op 27 januari 2026.
Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Den Haag. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden en overeenkomstig artikel 820 lid 2 Rv Pro openlijk bekend is gemaakt.
[afbeeldingen van de tekst van het ouderschapsplan verwijderd i.v.m. privacygevoelige informatie]