ECLI:NL:RBDHA:2026:4552
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek herziening uitspraak terugkeerbesluit asielprocedure
Eiser verzocht om herziening van de uitspraak van 24 december 2024 waarin zijn beroep tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag en het opgelegde terugkeerbesluit ongegrond werd verklaard. Eiser stelde dat verweerder al vóór de zitting op de hoogte was dat hij niet de Egyptische nationaliteit bezat, wat volgens hem tot een andere uitspraak had moeten leiden.
De rechtbank constateerde dat verweerder niet transparant was geweest en verkeerde of onvolledige informatie had verstrekt, maar oordeelde dat dit niet tot een andere uitspraak zou hebben geleid. De beoordeling van de geloofwaardigheid van de nationaliteit van eiser was niet afhankelijk van het bezit van de Egyptische nationaliteit.
Ook de aanwijzing van Egypte als land van terugkeer was gebaseerd op de banden van eiser met dat land, ongeacht zijn nationaliteit. Daarom voldeed het verzoek niet aan de voorwaarden voor herziening volgens artikel 8:119 Awb Pro en werd het afgewezen.
De rechtbank legde geen proceskostenveroordeling op en informeerde over de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen omdat de nieuwe feiten niet tot een andere uitspraak zouden hebben geleid.