Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
1.1. De AVIM [1] heeft op 26 mei 2023 een leeftijdsschouw verricht waarin ze hebben geconcludeerd dat er twijfel bestaat over de opgegeven leeftijd omdat eiser ouder overkomt en dat er verder onderzoek naar de leeftijd van eiser plaats zal vinden.
7.2. Als de minister twijfels heeft over de minderjarigheid van een vreemdeling, dan geldt als vertrekpunt de presumptie van minderjarigheid. Dat betekent dat hij dan van het vermoeden moet uitgaan dat de vreemdeling minderjarig is en deze vreemdeling als minderjarige moet behandelen. De Afdeling wijst ter vergelijking op artikel 25, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn, de paragrafen 139-141, 153 en 154 van het hiervoor genoemde arrest Darboe en Camara en de punten 72 en 73 van het eerdergenoemde arrest K en L. Het is dan aan de minister om dat vermoeden van minderjarigheid te ontzenuwen. Hij zal dan nader onderzoek moeten doen, eventueel in samenwerking met andere lidstaten. Als hij na dat onderzoek toch tot de conclusie komt dat de twijfel over de minderjarigheid is weggenomen en hij ervan uitgaat dat de vreemdeling meerderjarig is, dan zal hij dat moeten motiveren.