ECLI:NL:RBDHA:2026:5508
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige verklaringen en onvoldoende onderbouwing
Eiseres, een Ethiopische vrouw, diende een asielaanvraag in Nederland in, stellende dat zij vanwege politieke activiteiten van haar nicht en haar eigen betrokkenheid bij het vervoeren van verboden politieke materialen een reëel risico op ernstige schade loopt bij terugkeer naar Ethiopië.
De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas, met name vanwege wisselende en tegenstrijdige verklaringen over haar verblijf bij de nicht, de reden van haar terugkeer, en het verband met politieke activiteiten. De rechtbank bevestigt deze afwijzing na een integrale beoordeling van de verklaringen en het ontbreken van objectieve bewijsstukken.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht geen verblijfsvergunning regulier heeft verstrekt en het terugkeerbesluit met vertrektermijn van vier weken mocht opleggen. De vrees van eiseres voor vervolging en de situatie van haar broer zijn onvoldoende onderbouwd en berusten op aannames.
De rechtbank wijst het beroep af en veroordeelt eiseres niet tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter J.L. Roubos en griffier A. Molenkamp - Lopar op 5 februari 2026.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit wegens ongeloofwaardige en onvoldoende onderbouwde verklaringen.