ECLI:NL:RVS:2020:2459
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onjuiste beoordeling geloofwaardigheid asielaanvraag
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees een asielaanvraag van een vreemdeling uit Bangladesh af op 8 februari 2020. De vreemdeling vreesde vervolging wegens zijn seksuele gerichtheid, maar gaf bij binnenkomst tegenover de Koninklijke Marechaussee (KMar) andere redenen op, namelijk politieke problemen.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris ten onrechte de verklaringen tegenover de KMar had betrokken bij de geloofwaardigheidsbeoordeling. De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep. De Raad van State overwoog dat de verklaringen uit eigen beweging waren afgelegd, dat de vreemdeling voldoende gelegenheid had gekregen om hierop te reageren en dat de KMar tot de Nederlandse autoriteiten behoort.
De Raad van State vernietigde de uitspraken van de rechtbank en de tussenuitspraak en wees de zaak terug voor herbeoordeling door de rechtbank, waarbij het oordeel van de Afdeling in acht moet worden genomen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraken van de rechtbank zijn vernietigd en de zaak is terugverwezen voor herbeoordeling.