ECLI:NL:RBDHA:2026:6132
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing zorgmachtiging op grond van ernstige psychische stoornis en alcoholverslaving
De rechtbank Den Haag behandelde op 19 februari 2026 het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 7:11 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, geboren in 1951, die verblijft in een zorginstelling. Betrokkene heeft een langdurige alcoholverslaving en vertoont zorgmijdend gedrag, met ernstige gevolgen zoals valgevaar en verwaarlozing in de thuissituatie.
Tijdens de zitting werd betrokkene bijgestaan door haar advocaat, die verweer voerde tegen het verzoek, met name over het stoornisvereiste en de proportionaliteit van de verplichte zorg. De klinisch geriater en de mentor bevestigden dat betrokkene vooruitgang boekt, maar dat opname noodzakelijk blijft vanwege het ontbreken van een concreet vervolgplan en het risico op terugval bij thuiskomst.
De rechtbank oordeelde dat de stoornis, bestaande uit een ernstige alcoholverslaving en vermoedelijke neurocognitieve stoornis, het denken, voelen en handelen van betrokkene zodanig beheerst dat zij het veroorzaakte gevaar niet kan worden toegerekend. Er is sprake van ernstig nadeel dat alleen met verplichte zorg kan worden afgewend. De voorgestelde zorgmaatregelen zijn evenredig en noodzakelijk.
De zorgmachtiging wordt toegekend tot en met 12 april 2026, met een aanhouding van het resterende verzoek tot een nader te bepalen zitting vóór die datum, mede in afwachting van de uitkomsten van neurologisch onderzoek. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank wijst de zorgmachtiging toe tot en met 12 april 2026 met verplichte opname en bewegingsbeperking.