ECLI:NL:RBDHA:2026:6870
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in beroep tegen koppelingsbrief COa over woonruimte
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de koppelingsbrief van het COa van 29 oktober 2019, waarin werd meegedeeld dat de gemeente bereid is gevonden om bij voorrang woonruimte aan haar beschikbaar te stellen. Zij is het niet eens met deze plaatsing en voert diverse beroepsgronden aan, onder meer vanwege haar gezondheidssituatie en de wens om in de buurt van familie te wonen.
De rechtbank heeft het procesverloop gevolgd met een comparitie, schriftelijke stukken en toestemming voor schriftelijke behandeling. Het COa heeft aangevoerd dat de koppelingsbrief slechts een mededeling is en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank toetst of de brief een publiekrechtelijke rechtshandeling is die rechtsgevolgen heeft.
De rechtbank concludeert dat de koppelingsbrief geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, Awb, omdat het slechts een mededeling betreft en geen rechtshandeling die rechten of plichten wijzigt. Hierdoor is de rechtbank onbevoegd om kennis te nemen van het beroep. De rechtbank wijst erop dat eiseres vrij is om elders woonruimte te zoeken en dat de gemeente haar daarbij kan ondersteunen.
De rechtbank verklaart zich onbevoegd en behandelt het beroep niet inhoudelijk. Er worden geen proceskosten toegekend omdat eiseres geen kosten heeft gemaakt die vergoed kunnen worden. De uitspraak is gedaan door rechter P.G. Wijtsma en griffier E.A. Ruiter op 30 maart 2026.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het beroep tegen de koppelingsbrief van het COa.