Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
hij op 23 maart 2021 te ’s-Gravenhage tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad:
- 993,8 gram heroïne [ [adres 3] ]; en
- 2405,6 gram cocaïne [ [adres 3] ];
- 846 gram heroïne[ [adres 4] ];
hij in de periode
15 januari 2021tot en met 23 maart 2021 te Den Haag, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, meermalen opzettelijk heeft verkocht
,afgeleverd
,verstrekt en vervoerd
- hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne; en
- hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne;
734,4gram cocaïne;
hij op omstreeks 23 maart 2021 te 's-Gravenhage tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, te weten het opzettelijk bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken
envervoeren van:
- hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne; en
- hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne;
voor te bereiden:
- bruine versnijdingssubstantie; en
- witte versnijdingssubstantie; en
- verpakkingsmaterialen (polyzakken); en
- weegapparatuur; en
- een drugspers; en
- stempels voor een drugspers; en
- een beslagkom; en
- een blender; en
- een geldtelmachine en
- een dressoirkast met een verborgen ruimte; en
- een bankstel met een verborgen ruimte
voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte wist dat die bestemd waren tot het plegen van die feiten.
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
365 (DRIEHONDERDVIJFENZESTIG) DAGEN;
180 (honderdtachtig) dagen, niet zal worden tenuitvoergelegdonder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
twee jarenvastgestelde
proeftijdniet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstrafvoor de tijd van
240 (TWEEHONDERDVEERTIG) UREN;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de tijd van
120 (HONDERDTWINTIG) DAGEN;
hij op of omstreeks 23 maart 2021 te 's-Gravenhagetezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad:
- (ongeveer) 2182,4 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne [ [adres 3] ]; en/of
- (ongeveer) 1594,4 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne [ [adres 3] ]; en/of
- (ongeveer) 860,1 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne [ [adres 4] ]; en/of
- (ongeveer) 18,7 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne [ [adres 4] ]; en/of
- (ongeveer) 10,5 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne [ [adres 2] ];
zijnde (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij in of omstreeks de periode 16 november 2020 tot en met 23 maart 2021 te Den Haag, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,
- hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne; en/of
- hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne;
zijnde middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
- (ongeveer) 800 gram (bruto), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne [transactie [naam 2] ];
zijnde een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 23 maart 2021 te 's-Gravenhage tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, te weten het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of binnen het grondgebied van Nederland brengen van:
- hoeveelheden van een materiaal bevattende heroïne, zijnde heroïne; en/of
- hoeveelheden van een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne;
(telkens) een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I voor te bereiden en/of te bevorderen:
- bruine (versnijdings)substantie; en/of
- witte (versnijdings)substantie; en/of
- verpakkingsmaterialen (polyzakken); en/of
- weegapparatuur; en/of
- een drugspers; en/of
- stempels voor een drugspers; en/of
- een beslagkom; en/of
- een blender; en/of
- een geldtelmachine [e.e.a. [adres 4] ] en/of
- een dressoirkast met een verborgen ruimte; en/of
- een bankstel met een verborgen ruimte [ [adres 3] ].
voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en).