Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiserV-nummer: [V-nummer]
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Het bestreden besluit
Het verweer
“according to the attached Identify Card of the person the request was applied for, also the Identity Cards of his brothers, and that he has evidences”. Ook staat in de uitspraak het volgende:
“Therefore, he signed in the minute and the mentioned provided with his request a copy of his ID Card + a copy of his Son’s ID Card + Copies of his sons ID Cards + copy of the witnesses’ ID Cards + Confirmation by the Community Committees + Photos”.Voor zover eiser ter zitting heeft verklaard dat hij voor deze procedure een kopie van zijn W-document heeft overgelegd, overweegt de rechtbank dat ook dit niet kenbaar uit de Jemenitische uitspraak volgt. Er wordt immers gesproken over een ‘Identity Card’, waarbij de rechtbank het niet zonder meer aannemelijk acht dat de Jemenitische rechtbank het W-document als equivalent van een identiteitskaart zou beschouwen. Eisers ter zitting ingenomen standpunt dat hij niet over identificerende documenten beschikt en dat hij, indien dit anders zou zijn, onmiddellijk deze documenten naar verweerder zou hebben opgestuurd omdat dat in het voordeel van zijn procedure zou werken, is niet nader onderbouwd.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 20 december 2024 voor zover aan eiser daarbij een terugkeerbesluit is opgelegd;
- veroordeelt verweerder tot betaling van €1.868 (duizend achthonderdachtenzestig euro) aan proceskosten aan eiser.
www.rechtspraak.nl.