Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
- meermaals zijn vingers, althans hand tegen de vagina van die [slachtoffer] te brengen en houden,
- met zijn vinger(s) in de vagina en tussen de schaamlippen van die [slachtoffer] te brengen en houden en bewegen,
- met zijn stijve penis tegen de billen van die [slachtoffer] te duwen
- de broek en onderbroek van die [slachtoffer] naar beneden te trekken,
- die [slachtoffer] op de grond te gooien,
- zijn, verdachtes, benen op de rug van die [slachtoffer] te duwen,
- die [slachtoffer] tegen haar lichaam te schoppen en knijpen in haar armen en met zijn vuist tegen haar hoofd te slaan en
- het onverhoeds aanraken van die [slachtoffer] en het herhaaldelijk doorgaan met voornoemde seksuele handelingen terwijl die [slachtoffer] herhaaldelijk zei dit niet te willen en zei dat verdachte haar los moest laten en tegenstribbelde.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De op te leggen straffen
De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.
7.De toepasselijke wetsartikelen
8.De beslissing
jeugddetentievoor de duur van
104 (HONDERDENVIER) DAGEN;
60 (ZESTIG) DAGEN, niet ten uitvoer zal worden gelegd als de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
twee jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit een
werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid, voor de duur van
100 (HONDERD) UREN;
50 (VIJFTIG) DAGEN;