Partijen, ex-partners zonder samenlevingscontract, zijn gezamenlijk eigenaar van een woning die na hun relatie beëindigd is. De vrouw verliet de woning, de man bleef er wonen en betaalt sinds februari 2025 de hypotheek.
De rechtbank stelt vast dat sprake is van een eenvoudige gemeenschap en dat de woning verdeeld moet worden. De man krijgt de mogelijkheid de woning over te nemen tegen de getaxeerde waarde, mits hij de vrouw ontslaat uit hoofdelijke aansprakelijkheid en de helft van de overwaarde betaalt. Indien dit niet lukt, volgt verkoop aan een derde.
Verder zijn er vorderingen tot verrekening van kosten van de huishouding en investeringen in de woning. De rechtbank beoordeelt deze aan de hand van het verbintenissenrecht voor informeel samenwonenden en wijst de meeste vorderingen toe, waarbij de man een netto bedrag aan de vrouw moet betalen.
Vorderingen over kinderalimentatie worden afgewezen wegens onjuiste procedure. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij eigen kosten draagt.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en bevat gedetailleerde bepalingen over de afwikkeling van de woning en financiële verhoudingen.