Uitspraak
Alimentatie
Beschikking op het op 31 januari 2025 ingekomen verzoek van:
[de man],
[de vrouw],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 11 februari 2025, met bijlagen, van de man;
- het verweerschrift;
- het F9-formulier van 10 maart 2025, met bijlagen, van de vrouw;
- het F9-formulier van 17 april 2025, met bijlagen, van de man;
- het F9-formulier van 29 januari 2026, met bijlagen, van de man;
- het F9-formulier van 2 februari 2026, met bijlagen, van de vrouw.
Feiten
- Partijen zijn gehuwd geweest van [datum 1] 1991 tot [datum 2] 2014.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 10 april 2014 is – voor zover hier van belang - bepaald dat het aangehechte echtscheidingsconvenant onderdeel uitmaakt van de beschikking. Hierin is vastgelegd dat de man aan de vrouw zal bijdragen in het levensonderhoud van de vrouw met een bedrag van € 210,40 per maand, welk bedrag bij vooruitbetaling maandelijks aan haar zal worden voldaan. Ook is afzonderlijk in deze beschikking bepaald dat de man € 210,40 bruto per maand dient te betalen aan de vrouw als uitkering tot levensonderhoud, met ingang van de dag van inschrijving van de beschikking tot echtscheiding in de registers van de burgerlijke stand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.
Verzoek en verweer
- de door de man aan de vrouw te betalen maandelijkse bijdrage in de kosten van levensonderhoud met ingang van 1 januari 2025 op nihil te stellen;
- de man te veroordelen om aan de vrouw te betalen in verband met de nog niet betaalde bijdragen in de kosten van levensonderhoud over de periode tot en met december 2024 een bedrag van €1.000,- ineens;
- de tussen partijen bij overeenkomst van 27 januari 2026 getroffen regeling aan te hechten in de te wijzen beschikking en de inhoud hiervan als in de beschikking opgenomen te beschouwen,