De comparanten verklaarden:
De Staat der Nederlanden (…) heeft bij akte, vijf april negentienhonderd twee en vijftig voor mij, notaris, verleden algemene voorwaarden vastgesteld voor overeenkomsten door hem gesloten of te sluiten met eigenaren van gronden, door welke de Staat ten behoeve van het transport van gas buizen heeft gelegd of zal leggen, (…)
(…)
De comparanten verklaarden bij deze akte te constateren, dat op deze algemene bedingen en de na te noemen bijzondere bedingen de Staat (…) zodanige overeenkomsten met de navolgende personen heeft aangegaan (…), waarbij die personen zich verbonden aan de Staat het zakelijk recht, en wel als altijddurend recht (…) te zullen verlenen om:
a. in het betrokken onroerend goed ten behoeve van het gastransport een buisleiding met toebehoren te leggen, te hebben, te houden, te controleren en te onderhouden en dezelve door een andere te vervangen of te verwijderen; met inbegrip van het daartoe nodig recht van toegang en het gebruik anderszins van het betrokken onroerend goed;
(…)
De comparanten verklaarden verder, dat deze overeenkomsten voorts zijn gesloten onder de volgende
BIJZONDERE VOORWAARDEN
I. Aan de grondeigenaren zijn door de Staat der Nederlanden (…) vergoedingen toegekend (…). Voor de schade later veroorzaakt door werkzaamheden vereist voor het onderhoud, controle en eventueel vervangen of verwijderen der leiding met toebehoren zal telkens een billijke vergoeding worden voldaan.
II. Met uitzondering van de eigenaar van de hierboven onder nummer 3001 genoemde percelen is met de overige eigenaren nog overeengekomen:
Indien na de verlening van het recht voorgenomen uitbreidings-, ruilverkavelings-, ontginnings-, grondverbeteringswerken en dergelijke, waarvan de gewenstheid door de na te noemen deskundige(n) wordt vastgesteld, met betrekking tot bovengenoemde percelen niet of slechts ten dele tot uitvoering zouden kunnen komen als gevolg van de aanwezigheid van de leiding en daaruit voor de grondeigenaar nadeel zou voortvloeien, is de Staat, te zijner keuze, verplicht hetzij deze schade te vergoeden, op welke schade dan in mindering zal worden gebracht het bedrag dat de grondeigenaar voor de verlening van het recht is toegekend, hetzij op zijn kosten de leiding te verwijderen, onder gehoudenheid van de grondeigenaar om te restitueren hetgeen hem voor de verlening van het recht reeds is betaald, hetzij op zijn kosten de leiding in bovengenoemde percelen te verleggen; (…)
De grootte van de door de Staat krachtens deze overeenkomst te betalen vergoedingen zal zoveel mogelijk worden vastgesteld in onderling overleg tussen partijen, waarbij de grondeigenaar zulks wenst, ook de Stichting voor de Landbouw zal worden betrokken.
(…)
III. De verleende rechten worden ten opzichte van alle voormelde percelen verleend als altijddurende rechten (….)