ECLI:NL:RBDHA:2026:839
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Venezuela wegens onvoldoende geloofwaardigheid en risico
Eiser, een Venezolaanse politiefunctionaris die onderzoek deed naar moordzaken, diende op 25 juni 2024 een asielaanvraag in. Hij stelde dat hij vanwege weigering tot corruptie en een moordopdracht door collega’s werd bedreigd en ondergedoken was. De minister wees de aanvraag op 2 september 2025 af wegens onvoldoende geloofwaardigheid en het ontbreken van een reëel risico op vervolging of ernstige schade.
De rechtbank behandelde het beroep op 30 december 2025 en oordeelde dat de minister de aanvraag zorgvuldig had voorbereid en dat eiser voldoende gelegenheid had gekregen om tegenstrijdigheden in zijn verklaringen toe te lichten. De minister mocht de verklaringen over problemen met collega’s, de moordopdracht en detentie niet geloofwaardig achten.
Verder was het niet aannemelijk dat eiser als landverrader wordt gezien, mede omdat hij onvoldoende had voldaan aan het individualiseringsvereiste. De rechtbank concludeerde dat eiser geen gegronde vrees voor vervolging heeft en bij terugkeer geen reëel risico loopt op ernstige schade. Het beroep werd ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit bleef van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit blijft van kracht.