4.4.De rechtbank zal hierna beoordelen of het iMMO-rapport de minister aanleiding had moeten geven tot nader medisch onderzoek.
5. Stichting iMMO verricht medisch en psychisch onderzoek in asielzaken. Het iMMO onderzoekt of lichamelijke bevindingen, zoals littekens of verwondingen, en psychische klachten passen bij de door de vreemdeling gestelde gebeurtenissen. Daarnaast beoordeelt iMMO of eventuele psychische klachten van invloed kunnen zijn geweest op het vermogen van de vreemdeling om tijdens de asielgehoren compleet, coherent en consistent te verklaren. Het iMMO werkt met een vaste vraagstelling, bestaande uit een A1-, A2- en B-vraag. De A1- en A2-vraag betreffen de mate waarin lichamelijke respectievelijk psychische klachten kunnen zijn voortgekomen uit het gestelde asielrelaas, aan de hand van de gradaties uit het Istanbul Protocol, variërend van ‘niet consistent’ tot ‘kenmerkend’. De B-vraag ziet op de vraag of de lichamelijke en/of psychische klachten het verklaringsvermogen van de vreemdeling ten tijde van het asielgehoor hebben beïnvloed.
Wat heeft de Afdeling geoordeeld?
6. De Afdeling heeft op 2 april 2025 geoordeeld dat het ingebrachte iMMO-rapport, voor zover het de beantwoording van de B-vraag betreft, onvoldoende inzichtelijk was. De daarin opgenomen vaststellingen, redeneringen en conclusies sloten niet steeds aan bij de actuele wetenschappelijke inzichten en de eisen die aan een deskundigenrapport moeten worden gesteld. Het iMMO had in die zaak onvoldoende gemotiveerd dat de conclusie dat de geconstateerde psychische en lichamelijke problematiek van de vreemdeling zeker heeft geïnterfereerd met zijn vermogen om compleet, coherent en consistent te verklaren, berust op een op de individuele persoon toegespitste beoordeling.
De enkele diagnose van PTSS is daarvoor onvoldoende, nu de invloed daarvan op het geheugen per persoon kan verschillen. Het rapport dat in die zaak was overgelegd bood geen inzicht in de bevindingen waarop de conclusie was gebaseerd dat de medische klachten hebben geleid tot een geheugenstoornis of anderszins tot interferentie met het vermogen van de betreffende vreemdeling om compleet, coherent en consistent over zijn asielrelaas te verklaren. Voor zover een geheugenstoornis ten tijde van de gehoren zou moeten worden aangenomen, had nader moeten worden toegelicht of en hoe deze het verklaringsvermogen heeft beïnvloed. De conclusie dat de medische problematiek ‘zeker’ heeft geleid tot interferentie met het vermogen om compleet, coherent en consistent te verklaren was daarom onvoldoende inzichtelijk. De minister heeft het antwoord op de B-vraag in het iMMO-rapport volgens de Afdeling dan ook buiten beschouwing mogen laten en zich bij de geloofwaardigheidsbeoordeling mogen baseren op de verklaringen die de betrokkene tijdens de asielgehoren heeft afgelegd.
Wat is de werkwijze van het iMMO na de uitspraak van de Afdeling?
7. Het iMMO heeft naar aanleiding van deze uitspraak van de Afdeling in juli 2025 wijzigingen doorgevoerd in de formulering en beantwoording van de B-vraag. Het doel van het onderzoek is ongewijzigd gebleven, maar iMMO geeft geen overkoepelende kwalificatie meer over de mate waarin medische klachten het verklaren hebben beïnvloed. In plaats daarvan wordt beoordeeld of ten tijde van de asielgehoren sprake was van medische problematiek of andere omstandigheden die mogelijk een rol hebben gespeeld bij het verklaren. Daarnaast zal iMMO explicieter verwijzen naar actuele wetenschappelijke literatuur.
De rechtbank heeft deze werkwijze op zitting met het iMMO besproken. Het iMMO heeft toegelicht dat de werkwijze inhoudelijk niet is gewijzigd, maar dat wel de wijze van formuleren in de rapportages is aangepast. In de rapporten worden de medische en psychische klachten beschreven en wordt aangegeven of deze mogelijk een rol hebben gespeeld bij het verklaren. Anders dan voorheen worden daarbij geen gradaties meer gebruikt en wordt geen stellige conclusie meer gegeven over de mate waarin deze klachten het verklaringsvermogen hebben beïnvloed. Het iMMO heeft toegelicht dat het niet mogelijk is om achteraf met zekerheid vast te stellen in hoeverre medische problematiek het verklaren tijdens eerdere gehoren heeft beïnvloed. Om die reden beperkt iMMO zich tot het benoemen van de medische problematiek en het signaleren dat deze mogelijk van invloed kan zijn geweest.
Wat staat er in het iMMO-rapport over het vermogen van eiser om te kunnen verklaren?
8. Uit het iMMO-rapport blijkt dat bij eiser ten tijde van de asielgehoren in december 2020 en juni 2024 sprake was van medische problematiek en andere bijzonderheden die mogelijk van invloed zijn geweest op het afleggen van verklaringen. Het rapport signaleert “klachten passend bij een PTSS, een vermoeden van een verstandelijke beperking en schaamte en angst voor consequenties bij disclosure”. Deze factoren hebben volgens iMMO mogelijk een rol gespeeld bij het afleggen van verklaringen tijdens deze gehoren.
Had het iMMO-rapport aanleiding moeten geven voor nader onderzoek?
9. De minister heeft eiser op 12 juli 2022 medisch laten onderzoeken door MediFirst. Uit het onderzoek van MediFirst blijkt dat eiser tijdens het gesprek slechts beperkt op eenvoudige vragen kon antwoorden en geheugen- en concentratieproblemen vertoonde. Het onderzoek wijst ook uit dat hij beladen gebeurtenissen heeft meegemaakt en dat het bespreken daarvan tot spanning kan leiden; om deze reden is geadviseerd tijdig pauzes in te lassen. Daarnaast is vastgesteld dat eiser beperkt kan lezen en schrijven, mogelijk cognitief minder ontwikkeld is en moeite heeft met tijdsaanduiding, zelfs bij benadering.