ECLI:NL:RBDHA:2026:9372
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing energietoeslag wegens inkomen boven norm en studiefinancieringsmogelijkheden
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor de eenmalige energietoeslag 2023 door het college van burgemeester en wethouders van Delft. Het college wees de aanvraag af omdat het inkomen van eiser in december 2023 boven de inkomensgrens lag. Eiser betwistte de juistheid van de inkomensvaststelling en voerde aan dat bijzondere beloningen zoals vakantiegeld en winstuitkering niet tot het inkomen behoren.
De rechtbank oordeelt dat het college het inkomen correct heeft vastgesteld volgens de Participatiewet en de beleidsregels van de gemeente Delft. De vakantietoeslag en winstuitkering behoren tot het inkomen en het loon over de referteperiode is juist berekend, ook al heeft eiser op enkele dagen niet gewerkt. Daarnaast heeft het college beoordeeld of er bijzondere omstandigheden waren om van het beleid af te wijken, maar gezien het recht op studiefinanciering en de hoogte van het gemiddelde jaarinkomen was dat niet het geval.
Eiser stelde dat het onredelijk was alleen naar december 2023 te kijken vanwege wisselende inkomsten en zijn status als student zonder studiefinanciering. De rechtbank volgt dit niet en verwijst naar vaste rechtspraak dat studenten studiefinanciering als inkomen moeten meenemen, ook als zij deze niet daadwerkelijk ontvangen. Ook is het onderscheid tussen studenten en bijstandsgerechtigden objectief gerechtvaardigd.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond, waardoor het college de afwijzing van de energietoeslag mag handhaven. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door rechter A.H. Bergman op 10 april 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de energietoeslag wordt ongegrond verklaard omdat het inkomen van eiser boven de norm ligt en studiefinanciering als inkomen wordt meegeteld.