ECLI:NL:RBDHA:2026:9508
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid en misleiding over identiteit
Eiser, geboren in Afghanistan en met de Indiase nationaliteit, vreesde in India vervolging door zijn schoonfamilie en vroeg asiel aan in Nederland. Verweerder wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond vanwege ongeloofwaardigheid van het relaas en misleiding over identiteit, onder meer door vernietiging van het Indiase paspoort en gebruik van een vals Italiaans paspoort.
Eiser voerde aan dat verweerder onvoldoende had doorgevraagd en dat de afwijzing te zwaar was gebaseerd op inconsistenties en het niet direct aanvragen van asiel. De rechtbank oordeelde echter dat verweerder terecht de geloofwaardigheid van het conflict met de schoonfamilie in twijfel trok vanwege gebrek aan concrete onderbouwing en inconsistenties in het relaas.
Daarnaast mocht verweerder het late indienen van de asielaanvraag en het vernietigen van het paspoort meewegen. De rechtbank vond dat verweerder voldoende had gemotiveerd waarom de aanvraag als kennelijk ongegrond kon worden afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.