Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] ,
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Eiser heeft aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd dat hij een oproep heeft gehad voor militaire dienst, maar daar geen gehoor aan heeft gegeven en is ondergedoken. Daarna zijn de Eritrese autoriteiten naar hem op zoek gegaan en hebben zij zijn moeder in zijn plaats meegenomen. Dit heeft eiser van zijn wijkgenoten gehoord. Eiser heeft vervolgens Eritrea op illegale wijze verlaten. Na zijn vertrek is de moeder van eiser vrijgelaten.
Identiteit, nationaliteit en herkomst;
Voorts verwijst de rechtbank naar de in de bijlage van deze uitspraak aangehaalde rechtsoverwegingen 60 en 61 van het arrest EZ tegen Duitsland, waarin is geoordeeld dat in een gewapend conflict en wanneer er geen wettelijke mogelijkheid is om zich aan militaire verplichtingen te onttrekken, het zeer waarschijnlijk is dat de weigering om de militaire dienst te vervullen door de autoriteiten wordt uitgelegd als een daad van politiek verzet, ondanks de persoonlijke motieven van de betrokkene. Onder deze omstandigheden heeft de minister niet deugdelijk gemotiveerd dat eiser wegens een (toegedichte) politieke overtuiging en/of gewetensbezwaren geen gegronde vrees heeft voor vervolging en/of onevenredige bestraffing wegens dienstweigering. Dat eiser niet voldoet aan de tweede en de derde voorwaarde uit het beleid voor de kwalificatie van vluchtelingschap mist eveneens een deugdelijke motivering.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 18 maart 2025;
- draagt de minister op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak.