ECLI:NL:RBDOR:2001:AB1804
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.T.J.F. Verhappen
- J. Brand
- L. de Loor-Alwin
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd in beroep tegen vergunning dijkversterkingsplan
Eiseres, een aannemingsbedrijf, maakte bezwaar tegen vergunningen verleend door de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat aan het hoogheemraadschap voor werkzaamheden aan de rivier de Beneden-Merwede. Na een ongegrond verklaard bezwaarschrift stelde eiseres beroep in bij de rechtbank Dordrecht.
De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 24 van Pro de Wet op de waterkering (Wwk) de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRS) exclusief bevoegd is om in eerste en enige aanleg kennis te nemen van beroepen tegen besluiten die betrekking hebben op dijkversterkingsplannen. Dit volgt ook uit eerdere jurisprudentie van de ABRS.
Daarom verklaarde de rechtbank zich onbevoegd en zond het beroepschrift door naar de ABRS. De rechtbank zag geen aanleiding om af te wijken van deze bevoegdheidsverdeling, mede gelet op het belang van rechtseenheid in bestuursrechtelijke procedures omtrent de Wwk.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en zendt het beroep door naar de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.