ECLI:NL:RBDOR:2007:BB8725
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.G.L. de Vette
- J.A.M. van den Berk
- F.H.J.G. Brekelmans
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieagent wegens ernstig plichtsverzuim en integriteitsschending
Eiser was sinds 1999 als surveillant A bij de regiopolitie Zuid-Holland-Zuid werkzaam. Na een grootschalig disciplinair onderzoek naar overschrijding van regiogrenzen met surveillanceauto's en ander plichtsverzuim, werd eiser op 1 juli 2005 onvoorwaardelijk ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim.
De gedragingen waarop het ontslagbesluit is gebaseerd omvatten het rijden buiten de regiogrenzen zonder toestemming, het overtreden van verkeersvoorschriften, het zich laatdunkend uitlaten over collega's en chefs, en het maken van discriminerende opmerkingen over allochtonen. De rechtbank oordeelde dat deze gedragingen voldoende vaststonden en ernstig genoeg waren om het ontslag te rechtvaardigen.
Eiser voerde onder meer aan dat hij impliciete toestemming had van collega's en meldkamer, dat het uitluisteren van privégesprekken onrechtmatig was en dat het ontslag disproportioneel was. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat het bewijs toereikend en rechtmatig was verkregen en dat de opgelegde straf niet in strijd was met het gelijkheidsbeginsel of disproportioneel.
De rechtbank concludeerde dat het handelen van eiser ernstige schade aan de integriteit van de politie had toegebracht en dat het ontslag passend was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de politieagent tegen zijn onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt ongegrond verklaard.