ECLI:NL:RBDOR:2008:BF8027
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet bewezen prijsafspraak en rechtmatige opschorting leveringen door leverancier
In deze civiele zaak stond centraal of een mondelinge prijsafspraak tussen eiser en gedaagde ook gold voor de vijfde en zesde leveringsronde van vleeskuikens. Eiser stelde dat de prijs was verlaagd van 79 cent naar 78 cent en dat deze nieuwe prijs voor de resterende contractduur zou gelden. Gedaagde en een derde partij betwistten dit.
De rechtbank heeft getuigen gehoord, waaronder de directeur van eiser, diens echtgenote, gedaagde en een betrokkene. Uit de verklaringen bleek dat de lagere prijs slechts een tijdelijke oplossing was voor de derde en vierde ronde vanwege malaise en betalingsachterstanden. Er was onvoldoende bewijs dat deze prijsafspraak ook voor de vijfde en zesde ronde gold.
Vast stond dat eiser leveringen tegen een lagere prijs wilde en dat hij een ernstige betalingsachterstand had. Gedaagde mocht daarom de leveringen opschorten zonder tekort te schieten. De vorderingen van eiser werden afgewezen.
Verder werd vastgesteld dat eiser een factuur van gedaagde deels moest voldoen, terwijl gedaagde een factuur van eiser moest betalen. Deze verplichtingen werden verrekend, waarbij een bedrag van €3.644,92 met wettelijke rente aan gedaagde werd toegewezen.
De proceskosten werden deels toegewezen en deels gecompenseerd. Het vonnis werd uitgesproken op 8 oktober 2008 door de enkelvoudige kamer van de Rechtbank Dordrecht.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en veroordeelt eiser tot betaling van €3.644,92 met rente aan gedaagde.