ECLI:NL:RBDOR:2009:BJ5244
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid werkgever en bestuurders na arbeidsongeval door val van trap
Een werknemer van Cleaning Service stelt de werkgever, diens bestuurders en de aansprakelijkheidsverzekeraar aansprakelijk voor schade na een val van een trap tijdens werkzaamheden. De werknemer voert aan dat hij oververmoeid was door te veel uren werken en onvoldoende pauzes, en dat de werkgever tekortschiet in haar zorgplicht. Tevens beroept hij zich subsidiair op goed werkgeverschap en stelt bestuurdersaansprakelijkheid.
De werkgever en bestuurders betwisten het ongeval en stellen dat de werknemer niet meer dan 160 uur per maand werkte, dat de trap veilig was en dat er voldoende pauzes en voorzieningen waren. De rechtbank oordeelt dat de werknemer het ongeval moet bewijzen. Indien dat lukt, moet de werkgever aantonen dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan. Vooralsnog wordt aangenomen dat de werknemer niet teveel uren werkte, maar hij mag dit tegendeel bewijzen.
De vordering op grond van goed werkgeverschap wordt afgewezen omdat artikel 7:658 BW Pro van toepassing is. De bestuurdersaansprakelijkheid wordt verworpen wegens gebrek aan ernstig persoonlijk verwijt. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en voortzetting op 27 augustus 2009.
Uitkomst: Vordering bestuurders afgewezen; bewijsopdrachten opgelegd aan werknemer en werkgever voor ongeval, zorgplicht en schade.