ECLI:NL:RBDOR:2010:BL4482
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid huwelijkse voorwaarden en verrekening hypotheeklasten na echtscheiding
Partijen, ex-echtgenoten, zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden die gemeenschap van goederen uitsluiten. De man vordert dat de huwelijkse voorwaarden niet van toepassing zijn en dat de woning wordt verdeeld alsof sprake is van gemeenschap van goederen, omdat hij de hypotheeklasten volledig heeft betaald en de woning in waarde is gestegen door verbouwingen gefinancierd met gezamenlijke hypothecaire leningen.
De rechtbank stelt vast dat het enkele feit dat de man hypotheekrente betaalde onvoldoende is om de huwelijkse voorwaarden buiten toepassing te laten. Het gedrag van partijen tijdens het huwelijk stemde overeen met de voorwaarden, waarbij de vrouw zorgde voor de kinderen en administratieve werkzaamheden verrichtte, en de man de inkomsten en kosten van de huishouding droeg.
De man vordert daarnaast een natuurlijke verbintenis tot betaling van de helft van de overwaarde, maar dit wordt afgewezen omdat een natuurlijke verbintenis niet afdwingbaar is en de prestatie niet is verricht. Verder vorderen partijen dat de ander de hypotheekschuld draagt en de man wordt ontslagen uit hoofdelijke aansprakelijkheid, wat wordt afgewezen vanwege gebrek aan toestemming van de bank.
De rechtbank bepaalt dat ieder vanaf de ontbinding van het huwelijk de helft van de hypotheekschuld draagt en vrijwaart de ander voor aansprakelijkheid. De vrouw wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van €1.990,-- wegens onterecht gestorte heffingskorting. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de man af en bepaalt dat ieder de helft van de hypotheekschuld draagt vanaf de ontbinding van het huwelijk.