ECLI:NL:RBDOR:2010:BM6233
Rechtbank Dordrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot ongedaan maken omzetting zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte wegens tijdelijke huisvesting buitenlandse werknemers
Verzoeker, eigenaar van een woning, werd door het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht gelast de omzetting van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte ongedaan te maken. De woning werd verhuurd aan een onderneming die deze aan Poolse werknemers ter beschikking stelde. Inspecties toonden vijf slaapplaatsen verdeeld over drie slaapkamers, vrij toegankelijk voor bewoners die geen duurzame gemeenschappelijke huishouding vormden.
Verzoeker voerde aan dat de inspecties ondeugdelijk waren en dat sprake was van verhuur aan één huurder, waardoor geen kamerverhuur zou zijn. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat de bewoners individuele huishoudens vormden, omdat zij hun eigen huishouden in Polen hadden en geen gezamenlijke huishouding voerden. De woning werd daarmee onzelfstandige woonruimte.
De voorzieningenrechter stelde vast dat verweerder bevoegd was tot handhaving en dat verzoeker geen vergunning had voor de omzetting. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen; verzoeker moet de omzetting ongedaan maken.