ECLI:NL:RBDOR:2011:BP1101
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs openlijk geweld in vereniging na WK-finale
Op 12 juli 2010 vonden rellen plaats in Oud-Beijerland na afloop van de WK-finale, waarbij stenen werden gegooid naar de politie. Verdachte werd ervan beschuldigd openlijk geweld in vereniging te hebben gepleegd door stenen te gooien. De politie herkende verdachte als een van de stenengooiers op basis van een nachtelijke waarneming op ongeveer vijftig meter afstand.
Tijdens de terechtzitting verklaarde verdachte dat hij weliswaar met een groep meeliep, maar zelf geen stenen had gegooid en niemand kende die dat deed. Hij stond op afstand en heeft geen aanmoedigend gedrag vertoond. De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om vast te stellen dat verdachte de stenen gooide, mede vanwege de omstandigheden zoals duisternis en afstand.
Verder concludeerde de rechtbank dat verdachte ook geen voldoende significante of wezenlijke bijdrage had geleverd aan het openlijk geweld in vereniging, zoals vereist volgens de jurisprudentie van de Hoge Raad. Verdachtes aanwezigheid en het niet weggaan werden onvoldoende geacht voor een veroordeling.
De rechtbank sprak verdachte daarom vrij van het ten laste gelegde misdrijf van openlijk geweld in vereniging zoals bedoeld in artikel 141 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij openlijk geweld in vereniging heeft gepleegd.